Een wat langer verhaaltje dan gewoonlijk dat uiteindelijk toch over 'fietsen' gaat.
Davy Souverijns van de Heemkundekring Stevoort is bezig met een onderzoek naar oud-strijders en verzetslui uit het geboortedorp van mijn vader. Op Fietsvarianten kwam hij een verhaaltje tegen waarin ik het verzetsverleden van mijn vader ter sprake breng. Daar wilde hij graag met mij over praten. Ik heb geprobeerd de puzzel zo feitelijk mogelijk in elkaar te leggen, voor het nageslacht!
Tijdens de Tweede Wereldoorlog kreeg het collaborerend Vlaams Nationaal Verbond (VNV) grote invloed in het bestuur in Belgisch Limburg. Het VNV ging er vanuit dat via samenwerking met de bezetter een autoritair, door Vlaanderen gedomineerd staatsbestel – een zogenaamde Nieuwe Orde – kon worden gerealiseerd.
Het Onafhankelijkheidsfront (OF) ontstond in 1941 als brede verzetsbeweging in België. De activiteiten omvatten onder meer het vervaardigen en verspreiden van clandestiene publicaties, hulp aan onderduikers (onder wie Joden en geallieerde piloten), verzet tegen de verplichte tewerkstelling, sabotage, steun aan families van verzetsmensen en het organiseren van stakingen.
Mijn vader werd in 1942 lid van het OF. Hij was toen twintig jaar. In 1943 ontstond vanuit het OF de gewapende verzetsstructuur Partizanen (PA). Deze richtte zich vooral op sabotageacties (van spoorwegen, communicatielijnen en industriële installaties), overvallen op distributie en voedselvoorraden en op acties tegen collaborateurs. Dit laatste leidde tot zware represailles en gewelddadige tegenacties van collaborerende groepen, de Sicherheitsdienst en de Gestapo.
Remi Nulens uit het aan Stevoort grenzende Alken was regimentscommandant binnen de Partizanen. Mijn vader was bevriend met zijn jongere broer Eugène, die net als hij wielrenner was. Eugène en zijn broer Hubert werden in 1943 in Hasselt gefusilleerd nadat zij betrokken waren geraakt bij de dood van een rijkswachter met sympathieën voor de Nieuwe Orde. Eugène werd door de Gestapo opgepakt in het ouderlijk huis van mijn vader, waar hij ondergedoken zat. Remi en een andere broer, Jozef, doken onder. Hun vader, Alfons, en hun zus Pauline werden als represaille opgepakt en gedeporteerd naar respectievelijk Buchenwald en Theresienstadt. Geen van beiden overleefde het.
Tijdens de grootscheepse razzia's en arrestatiegolven waarbij de Duitse bezetter samen met de Belgische collaborerende politiediensten en milities de Limburgse partizanen eind 1943 probeerde uit te schakelen, werden familieleden van hen opgepakt en verhoord. Dat gebeurde, als ik mijn vader goed begrepen heb, ook met een oudere zus en de veertienjarige broer van hem. Ze werden verhoord in de gevangenis van Tongeren.
Veertig jaar na de oorlog zei Remi Nulens in een door Maurice De Wilde gemaakte televisieserie over het verzet: 'Mijn hart is versteend van wraak.' In die uitzending gaf hij aan minstens zestig collaborateurs geliquideerd te hebben.
Bij welke acties was mijn vader betrokken? Wat ik van hem weet, ging het om hulp bij sabotageacties, om het - al trainend met de koersfiets - afleveren van clandestiene berichten en kleine wapens. Kort voor zijn overlijden (in 2005) liet hij zich ontvallen dat hij, naarmate hij ouder werd, steeds blijer was dat de twee voorgenomen liquidaties waarvoor hij was aangeduid op het laatste moment werden geannuleerd. Mijn voorstel, een aantal jaren eerder, om samen een keer naar Remi Nulens te gaan, wees hij op aandringen van mijn moeder af. Het zou tot teveel emoties leiden.
Bij welke acties was mijn vader betrokken? Wat ik van hem weet, ging het om hulp bij sabotageacties, om het - al trainend met de koersfiets - afleveren van clandestiene berichten en kleine wapens. Kort voor zijn overlijden (in 2005) liet hij zich ontvallen dat hij, naarmate hij ouder werd, steeds blijer was dat de twee voorgenomen liquidaties waarvoor hij was aangeduid op het laatste moment werden geannuleerd. Mijn voorstel, een aantal jaren eerder, om samen een keer naar Remi Nulens te gaan, wees hij op aandringen van mijn moeder af. Het zou tot teveel emoties leiden.
Waar had mijn vader het niet over? Was hij wel aanwezig bij liquidaties, pleegde hij overvallen? Hij is zover ik kan nagaan nooit opgepakt en veroordeeld. Na de oorlog ontving hij het 'Eereteken van de Weerstand' en 'De Herinneringsmedaille van de Oorlog'.
Hoe kwam ik erachter dat mijn vader in het verzet heeft gezeten?
Kostschoolgenoot Herman was indirect aanleiding voor de eerste politieke discussie bij ons thuis aan tafel. Dat wil zeggen: toen ik op een zondag, ergens in 1967, tijdens het middageten heel enthousiast begon te praten over Hermans vader en zijn strijd voor de Vlaamse zaak, ging mijn vader woedend en zonder een woord te zeggen van tafel. Mijn moeder probeerde te sussen, zei dat ik daar nooit meer over moest beginnen, dat het met de oorlog te maken had, dat veel Vlaamsgezinden met de Duisters hadden geheuld, dat mijn vader in het verzet had gezeten. Herman distantieerde zich tijdens zijn studie aan de universiteit van het gedachtengoed van zijn ouders.
Omdat ik mijn legerdienst nog moest vervullen besloten mijn vriendin en ik medio 1974 om te trouwen. Op die manier gokten we erop dat ik in Hasselt gekazerneerd zou worden en iedere avond naar huis, naar Maastricht, zou mogen. Ik was een gedeeltelijke dienstweigeraar: ik hoefde geen wapens te dragen. De rijkswachters die onderzoek deden naar mijn motieven beklaagden mijn vader: dat hij met zijn staat van dienst voor het vaderland met een zoon als ik door het leven moest! In september '74 echter werd er in België een nieuwe wet gestemd waardoor ik helemaal geen legerdienst hoefde te doen omdat mijn oudere broer zijn legerdienst had vervuld én ... mijn vader in het verzet had gezeten!
Mijn opa van moederszijde vocht tijdens de Eerste Wereldoorlog o.a. aan de IJzer. Als lansier maakte hij De Slag der Zilveren Helmen mee, het laatste ruitergevecht in Europa. Hij overleed in 1977 in een Hasselts ziekenhuis. De nacht dat dit gebeurde waakte ik samen met mijn vader bij hem. Mijn vader vertelde me hoe mijn opa in 1948 om de hand van zijn dochter vroeg, hoe ze allebei lichtelijk beschonken raakten omdat ze hun oorlogsverhalen doorspoelden met jenever.
In 1979, tijdens een feest in de parochiezaal van Godsheide, begon de discjockey rond middernacht Duitse drinkliederen te draaien. Het riep bij mijn vader, met wie ik stond te praten aan de bar, heftige gevoelens op. Mijn moeder had het in de gaten, ze leidde hem met zachte hand naar huis: niemand kende zijn nachtmerries beter dan zij.
De gesprekken tussen mijn vader en mij gingen toen al geregeld over 'de oorlog en de koers'. Tussen de koersfoto's die ik van hem heb, zit een van ver af genomen foto van een koers in Alken, waarschijnlijk uit 1941. Mijn vader en Eugène Nulens zitten in de kopgroep. Davy attendeerde me op wat er op achterkant staat: 'Foto gemaakt door Pauline Nulens.'
Wat kan ik n.a.v. de vraag van Davy concluderen?
Onderzoek
Wat ik vertellen kan
over mijn vader
over mijn vader
en zijn jaren
bij de partizanen,
er is veel wat ik
hem heb gevraagd
maar het was
bijlange na
niet genoeg
