Raad het plaatje

Raad is het plaatje is de wekelijkse rubriek van Jos van Nierop op Het is koers, de blog waarop verhalen aangeboden worden over de wielersport, geschreven voor én door liefhebbers. Jos is een verzamelaar van wielerplaatjes, wielerfotokaarten, wielerstickers en nog veel meer. Iedere week laat hij de bezoekers van de blog (en dat zijn er ongeveer een miljoen per jaar) raden naar de renner op zo'n plaatje. Een aantal uren later geeft hij meer info over de coureur. Voor de komende Tour de France was hij op zoek naar een andere invulling. Hij vroeg me om zes gedichten te schrijven bij even zovele 'karikaturen' uit een recent uitgegeven 'Legenden Quartett'. Vandaag verscheen de eerste bijdrage. Hier te lezen.


Belgen & Nederlanders

Waarom stoppen veel Belgische automobilisten, ook als ze voorrang hebben, voor fietsers en waarom doen de meeste Nederlanders dat niet? Een vraag die ik hier in de grensstreek vaker krijg. Want het maakt niet uit of mijn landgenoten in Begië of in Nederland rijden. Soms leidt hun vriendelijkheid zelfs tot gevaarlijke situaties en boze reacties van automoblisten die achter hen op de rem moeten trappen. Gisteren, tijdens het Rondje Ritz, fietsten we met z'n tienen over de Haspengouwse betonbanen van het fietsoutenetwerk. Daar waar we grote wegen moesten oversteken werd ons steevast voorrang verleend. Bij het kruisen van een minder drukke dorpsweg fietsten de eerste vier van ons groepje zo'n dertig meter voor de rest. Ze hadden genoeg tempo om veilig over te steken ondanks de twee auto's die van rechts naderden. De eerste auto nam vervolgens met een behoorlijke snelheid zijn recht op voorrang waarbij het tweede gedeelte van ons groepje geheel volgens de verkeersregels stopte. De auto had een Nederlandse nummerplaat. Pal na hem kwam een auto met een Belgische nummerplaat: de chauffeur minderde vaart en gebaarde ons over te steken. Ik legde bovenstaand fenomeen uit aan de jonge Noord-Hollander, die deel uitmaakte van het Ritz-peloton. 'Maar die Nederlander had wel voorrang,' opperde hij. 'Jezeker,' zei ik, 'maar de Belg ook.' Zijn de Belgen aardiger, galanter voor fietsers en zo ja waarom? Als Belg, die al jaren in Nederland woont, wil ik het antwoord graag schuldig blijven. Feit is wel dat de (meeste) fietsers het gedrag van mijn landgenoten bijzonder op prijs stellen.

PS: Naar aanleiding van bovenstaand stukje kreeg ik een mailtje van iemand uit de buurt van Roeselare. Ik citeer: 'Vooral niet veralgemenen, Miel ! Automobilisten uit Belgisch Limburg, ja, die hebben respect/aandacht voor fietsers. Zeer zeker. Maar elders in Vlaanderen? Daar hebben ze vaker  hun middelvinger klaar dan een vriendelijke groet. Om nog maar te zwijgen van die macho's in hun monstertractoren... Van iemand die in alle 5 Vlaamse provincies fietst en dus best de vergelijking kan maken.


Rondje vaderland

Ik had een mooie route in het Mergelland uitgestippeld voor het jaarlijks Ritz-familierondje dat komende zaterdag gefietst wordt. Helaas was het me ontgaan dat op die dag ook Limburgs Mooiste gepland staat, een toertocht waar zo'n 15.000 wielertoeristen aan deelnemen. Ons tussen hen mengen lijkt me niet wenselijk. Ik moest dus op zoek naar een ander rondje en dat betekende: uitwijken naar mijn dierbaar vaderland. Zodoende zullen de Ritz-deelnemers uit Utrecht, Drenthe, Gelderland, Noord-Holland en Noord-Brabant kennis maken met de Maasvallei, van waaruit ze (via de Mont St Pierre en de Zusserdel) naar Haspengouw moeten klimmen, om zich daar over smalle betonbanen tussen glooiende akkers en velden richting het Maasland te begeven. Daar mogen ze langs het water (Albertkanaal, Zuid-Willemsvaart en Maas) verder genieten van het onvolprezen fietsroutenetwerk. De fanatiekelingen wacht, eenmaal terug in Maastricht, nog een kleine lus over de Zonneberg en de Muizenberg. Benieuwd wat ze er van vinden. Maite, mijn kleindochter van bijna drie - ze groeit op in Utrecht - is al ingewijd tijdens een logeerpartij eerder dit jaar. Als je haar vraagt waar haar opa Miel vandaan komt, antwoordt ze zonder te hoeven nadenken: 'Uit België!' Vraag je haar vervolgens welke leeuw ze daar hebben, dan roept ze triomfantelijk: 'Een Vlaamse!' Een kwestie van een beetje helpen opvoeden, toch!

Maite: ingewijd!

Soupapofobie

Na de plaatsing van mijn vorig stukje wordt er druk gespeculeerd wie van de mannen op de foto in onmin leeft met fietspompen. In het kader van de privacy kan ik dat hier niet verklappen, wie het perse wil weten, mag me mailen. Maar er is meer. Roger Thijs - wielerfanaat, schrijver die te weinig schrijft, dorpsgenoot van Tom Dumoulin, bijna gepensioneerd psychiatrisch verpleegkundige - meldt me dat een sepappenfobie wel degelijk een psychiatrisch ziektebeeld is.
Ik neem de mail van Roger hier integraal over:
'De Soupape, in inferieure dialecten ook wel sepape genoemd, is een der belangrijkste onderdelen van de fiets. De beste kaders, remmen, derailleurs noch zadels hebben geen enkele waarde als de soupape niet met het juiste fingerspitzengefühl wordt bejegend. Er bestaan diverse varianten voor gebruik op een fiets, waarvan de Presta-variant het meest wordt toegepast op racebinnenbanden. De Presta onderscheidt zich van de andere varianten doordat ze manueel dient geopend en gesloten te worden met een minuscuul moertje, het malheurtje genaamd. Deze naam is ontleend aan de ellende (malheur) die de minder vélo-cerebralen zichzelf toedoen als ze de binnenband willen oppompen zónder het malheurtje van het soupapepijpje los te schroeven. Het komt ook voor dat het malheurtje  te onhandig van het soupapepijpje wordt losgeschroefd en het draadgedeelte; het verrekje; krom wordt getrokken. Nog meer bezwarend wordt het als de vélo-an-cerebralen de verkeerde pomp hanteren op de verkeerde soupape. Er zijn rapporten bekend van verregaand alcoholisme, als gevolg van een niet onderkend en aanhoudend verkeerdelijk gebruik van een niet-passende pomp op een racebinnenbandsoupape. Een der complicaties bij dit specifieke alcoholisme, soupapalcoholisme,  is de zich invretende vrees voor het aangaan van fysiek contact met de soupape. De getroffene zal in deze situatie dan ook geen enkele vreugde, noch plezier meer kunnen beleven bij het bestijgen en berijden van een fiets. Op de vraag van dhr. Vanstreels of  er zoiets als ventielvrees bestaat  kan dan ook bevestigend geantwoord. Afgaand op de foto van het geriatrisch gezelschap die dhr. Vanstreels bij zijn vraag voegde, mag verondersteld dat de man met het egaal-blauwe shirt de soupapofobe lijder is, maar het is niet uitgesloten dat de fotograaf in kwestie zélf soupapofobe problematiek  probeert te maskeren.'


Fobie

Gisteravond het jaarlijks etentje gehad met een aantal kostschoolgenoten uit de jaren zestig van de vorige eeuw. We bereiken een leeftijd waarop het lange termijngeheugen het aanzienlijk beter doet dan het korte. De mannen pedaleren ook hun (gezondheids)rondjes: op de hybride, E-bike of koersvelo. Sommigen doen dat met hun echtgenote, althans dat proberen ze. Het levert amusante verhalen op, de discussies die tussen echtelieden ontstaan over windrichting, tempo en koffiepauzes. Het voortdurend willen afwijken van de vooraf afgesproken route blijkt een veel voorkomend twistpunt te zijn. Eén van de mannen leeft zijn hele leven al in onmin met de sepappen (ventielen) van zijn fietsbanden. De planning van een rondje met de koersfiets bezorgt hem slapeloze nachten bij de gedachte dat hij zijn banden moet oppompen. Hij probeerde velerlei soorten pompen uit, deskundigen lieten hem duizend keer zien hoe het werkt, op avonden als gisteren krijgt hij de meest uiteenlopende adviezen: het helpt niet. Het lukt hem niet om de nippel van de pomp zo op het ventiel te bevestigen dat de lucht bij het pompen via de sepappe in de binnenband komt. Altijd gaat er wat mis. Zijn ellende duurt al zo lang dat je hem niet van onwil kunt verdenken. Misschien lijdt hij wel aan een nog niet beschreven angststoornis, bestaat er zoiets als een sepappenfobie?


Goed voor de moraal

Vandaag een zomers rondje van vijftig kilometer gefietst in het drukke Mergelland. Na het honderdje eerder deze week mocht ik het rustig aan doen van mezelf. Zoiets leidt onderweg haast vanzelf tot een senryu:

Lekker peddelen
in de zon – geen zin vandaag
in diepgaande pijn


Na de de Rasberg en de Brakkeberg kwam ik aan de voet van de Daalhemmerweg. Ik werd gepasseerd door een dame en een heer van middelbare leeftijd. Aan hun shirts (Maratona dles Dolomites) en hun fietsen te zien waren ze niet aan hun proefstuk toe. Ze reden tegen een voor mijn doen behoorlijk tempo omhoog. Ondanks mijn voornemens probeerde ik aan te haken. Tot mijn verbazing lukte het me in hun wiel te blijven. Na de Fromberg moest ik de Sibbergrubbe op. Twee jonge gasten snelden me voorbij. Halverwege echter zag ik dat één van hen het moeilijk had. Het mocht wat pijn doen om hem in te halen en ter plaatse te laten! De laatste klim van de dag,  de Keunestraat, vatte ik aan met drie andere jongelieden. Twee gingen me te snel, de derde kon ik moeiteloos volgen. Goed voor de moraal, dacht ik wederom: zo'n rondje maakt van een veelvuldig uit de wielen gereden opa als ik een gelukkig mens.

© Foto: Roger Dohmen

De kunst van het sprinten

Bij uitgeverij De Bezige Bij/Thomas Rap verscheen dit voorjaar De kunst van het sprinten van Martin Bons. Het boek wordt aangekondigd op de website van de uitgever. Die biedt je de mogelijkheid om een fragment (de eerste 24 pagina's) te lezen; daarvoor hoef je alleen een (gratis) pdf-bestand te downloaden. En daarin kun je zien dat de schrijver zijn boek als motto een rijmpje van mijn hand meegeeft: De sprinter / telt tot tien // wie niet weg is / is gezien
Zo zie je maar, waar het schrijven van gemasseerde rijmpjes (soms) toe leidt!



Familiefeestje

Familiefeestjes zijn er om iets te vieren of te gedenken, om bij te praten, om plannen en afspraken te maken. Over het vierde Rondje Ritz bijvoorbeeld. Ik was negentien toen ik voor het eerst bij mijn latere schoonfamilie kwam, een gezin met tien kinderen. De tieners en twintigers van toen zijn inmiddels zestigers en zeventigers geworden. Kwetsbare leeftijden. Een tijdje geleden was zo'n familiefeestje aanleiding om me na twintig jaar weer eens te wagen aan een serieus gedicht. Het werd vandaag gepubliceerd (en is te lezen) op De schaal van Digther. Voor de liefhebbers!

Route Rondje Ritz 2017



Geboekt

Zoonlief heeft een huisje geboekt in Barcelonette, een dorp op 1100 m hoogte in de zuidelijke Alpen. Komende zomer gaan we er een weekje fietsen met Henri, één van de heren en diens schoonbroer Maikel. Vanuit het dorp kun je meerdere cols op.  Als je afstempelt op de top van Col St Jean (1333 m), Col de Pontis (1301 m), Col de Larche (1991 m), Col de Vars (2109 m), Col d'Allos (2250 m), Col de la Bonette (2802 m) en Col de la Cayolle (2327 m) krijg je het 'Brevet des 7 Cols d'Ubaye'. Je kunt er ook een rondje over drie cols fietsen (Col d'Allos  2250 m, Col des Champs 2087 m, Col de la Cayolle 2326 m) al dan niet met als uitsmijter de van de Tour bekende klim naar Pra Loup. Prachtige beklimmingen in een wonderschoon decor. Benieuwd hoeveel van die cols ik aan mijn lijstje zal toevoegen. Het gebypasst dromen kan in ieder geval beginnen.


Lekker afzien

Vanmiddag met zoon Joost een tochtje van 45 km over zes Mergellandse hellingen gemaakt. En dat heb ik geweten. Op weg naar Eijsden - met een forse tegenwind - zei ik dat hij zijn gang kon gaan, ik zou lekker bij hem in het wiel blijven! Toen we aan de eerste helling (de Mescherberg) begonnen was ik al zo goed als total loss. Met hangen en wurgen kwam ik (lang na Joost) boven. Van enig herstel was er op de Bukel, de Kalleberg en de Rondelen geen sprake, integendeel. Ik had constant het gevoel dat ik moest overgeven, en het is lang, héél lang geleden. Omdat mijn hart niet protesteerde ging ik er vanuit dat mijn drie maanden oude bypassen nog netjes op hun plaats zaten. Tussen Banholt en Sibbe begon ik weer wat op adem te komen. 'Wel of geen Cauberg,' vroeg Joost. Hoewel ik geen idee had of ik daar boven zou komen, waagde ik me er aan, en zie, redelijk monter haalde ik de top. En dat herhaalde zich op de Geulhemmerberg. Terug thuis had ik een gemiddelde van 23,5 km op mijn teller staan. Met een weekje Barcelonette in het vooruitzicht is (flink) afzien (voorlopig) de enige weg naar (het grote) fietsgeluk!