Gebruiken

Gisteren plaatste ik op Facebook een baiku over het monument voor Tom Simpson, dat een kilometer voor de top van de Ventoux staat. De baiku werd overgenomen door 'De kale Berg'. Op het oorspronkelijk plaatje stond een kort bijschrift over de oorzaken van Tom's dood, zoals je die op veel plekken op internet kunt lezen. De dochter van Tom liet weten het bijzonder jammer te vinden dat haar vader daardoor weer als een 'dopinggebruiker' werd afgeschilderd. De 'supplementen', zo schrijft Joanne, die haar vader gebruikte werden in die tijd aan alle renners als wondermiddeltjes aangeboden. Joanne's reactie leidde dan weer tot volgend versje:

GEBRUIKEN

Welke wielrenner had
in de jaren vijftig
en zestig geen
middeltjes
op zak,

was je een zondaar
als je in de bergen
je heil zocht

in hetzelfde wonder
als je tegen-
standers,

hoe kon je weten
dat je daarmee

ver voorbij
de uitputting
zou gaan

hoe fair is het
dat men decennia
na je dood

vooral daarbij
stil blijft staan



Kleindochters

De afgelopen (kerst)dagen logeerden onze vijf kleindochters weer bij ons. Naar aanleiding van hun bezoek schreef ik een reeks van vijf versjes (die inmiddels ook op Versindaba is gepubliceerd). Ik schrijf bewust 'naar aanleiding van' en niet 'over', want mijn kleindochters zullen ongetwijfeld roepen dat sommige dingen niet kloppen. Dat die dingen beter in een gedicht passen dan wat zij de waarheid noemen, zullen ze geen geldig argument vinden. Ze hebben (nog) geen boodschap aan dichters die de waarheid liegen. Ik krijg trouwens sowieso steeds meer commentaar van de freules, of ze nu drie of elf zijn. De kwaliteit van mijn grappen staat ter discussie (je bent de enige die er om lacht!), mijn Vlaamse inbreng vinden ze maar stom (waarom zou patat geen friet zijn?), en mijn onhandigheid met nieuwigheden leidt tot hilariteit (mijn kleindochter van vijf moet me wijzen hoe we door het toegangspoortje van het Reuzenrad komen). Benieuwd naar de gedichten? Hier zijn ze te lezen. O ja, vandaag verscheen er in De Limburger een mooie recensie over Aan de vooravond. En nu ga ik fietsen, op zolder, want over vier maanden moet ik de Ventoux op.




De Mont Ventoux roept

Ik had er niet meer op gerekend dat ik (bij leven en welzijn) op mijn 75ste nog een keer naar de Provence mag gaan om de Mont Ventoux - op eigen kracht - op te fietsen. Wat doet een ouwe man op een koersfiets als de Ventoux roept: hij legt de voorbereiding (en hopelijk ook de klim) vast in baiku's! Voor wie niet op Facebook zit: op deze pagina wordt iedere zaterdag een nieuwe baiku toegevoegd. Ook te volgen op Dé kale berg en Het is koers.





Pas verschenen ... paar weken eerder dan gepland

Eenmaal op leeftijd krijg je steeds vaker te maken met verlies: dierbaren en bekenden vallen weg, het lichaam sputtert tegen. Omdat niemand eraan ontkomt, is het goed om op tijd te zeggen wat nog gezegd moet worden. Dat is wat ik doe met deze bundel. Dierbaren, van grootvaders tot kleindochters, trekken voorbij. Ook vrienden die rouwen, de onrust in de wereld, jeugdherinneringen en geloof komen langs. Met een tikkeltje ironie, een vleugje weemoed en (hopelijk genoeg) mededogen probeer ik vast te leggen wat zich schuilhoudt in het ogenschijnlijk alledaagse. En ook al kijkt de dood geregeld om de hoek, ik ben nog niet van plan te verdwijnen. Integendeel: op mijn 75ste mag ik opnieuw de Mont Ventoux beklimmen, met de fiets, op eigen kracht – corpo volente!
De bundel (46 pagina's) is nu voor € 12,50 verkrijgbaar in de boekhandel, bij Bookmundo en Bol.com. ISBN 9789403848990

Gedichten uit de bundel verschenen o.a. op Meander, De Schaal van Digther en Versindaba.

Recensie in De Limburger


Rondje Mont Ventoux

Voor volgend jaar mei een rondje van 100 km uitgezet in de Provence. Mijn zoon zal de Ventoux beklimmen vanuit Bédoin. Met mij wil hij graag een rondje fietsen waar ook de Ventoux vanuit Sault in zit. Zeg maar de ouwelullenkant, want de mietjeskant mag het niet meer heten omdat het beledigend is voor een groep medemensen. Het rondje leidt ons bij leven en welzijn van Malaucène via Bédoin en Flassan naar Villers-sur-Auzon vanwaar de weg 19 km lang door de schitterende Gorges de la Nesque loopt. Via Monieux gaat het vervolgens naar Sault en de Ventoux. Als die beklommen is, mag er gedaald worden naar Malaucène. Wat hellingen betreft is het een echt ouwelullenrondje: er zitten weliswaar 2399 hoogtemeters in, maar de stijgingspercentages liggen gemiddeld onder de 5% en zijn (met uitzondering van de laatste kilometer van de Ventoux) nergens hoger dan 7 a 8%. De voorbereiding en de klim worden uiteraard vastgelegd in baiku's! 

Oud(er) worden is
zolang het gaat de kwalen
naast je neer fietsen




Voorjaar 2026

Mijn jongste zoon heeft voor de meivakantie van volgend jaar een vakantiehuis gereserveerd in Malaucène, aan de voet van de Mont Ventoux. Hij wil graag dat mijn eega en ik meegaan met hem en zijn gezin. En hij wil met mij de Ventoux op fietsen, want die ontbreekt nog op zijn palmares. Ik was, op z'n Vlaams gezegd, een beetje van mijn melk door zijn vraag. Volgend voorjaar staat er één en ander te gebeuren: ik word 75, er wordt opnieuw bekeken hoe het met mijn aneurysma is gesteld en er komt een nieuwe dichtbundel van me uit die als titel  'Aan de vooravond' heeft, een titel die is gekozen omdat er in die gedichten nogal veel naar de dood wordt verwezen. Daar komt dus, bij leven en welzijn, de Ventoux bij. Ik had niet verwacht dat ik nog 'ns naar de Provence zou gaan, dat ik de Ventoux nog 'ns zou (proberen te) beklimmen. Vanuit Sault moet lukken, aan Malaucène en Bedoin kan ik me beter niet wagen want dan trap ik dwars door mijn artrose-enkel heen. Nadat ik een beetje bekomen was, ben ik maar begonnen met dromen. Als mijn gemotoriseerd lief er niet bij is, oefen ik mezelf op de heuvels weer in het zo langzaam mogelijk bergop fietsen, ik maan mezelf voortdurend tot rust:

Trager nog dan traag
naar boven - zo verzuren
droom en benen niet






Zomer 2026

'De Tour van 2026 telt vijf aankomsten bergop, waarbij drie aankomsten nieuw en voor vele wielerliefhebbers dus onbekend zijn,' aldus Wielerverhaal. Maar niet voor mij! Althans wat twee ervan betreft. In 2003 was ik met mijn zonen en vriend(in)en van hen op fietsvakantie in de Alpen. Op het programma stond ook de beklimming van de Col de Sarenne, de achterkant van de Alpe d'Huez, waar Tadej & Co volgend jaar naar boven mogen. Wat ik me herinner is dat het een wonderschone klim is en dat Henri luid zingend boven kwam, op zijn overjarige Raleigh, met sportschoenen op klikpedalen! Anders overweldigend vanwege het landschap is de Gavarnie-Gèdre in de Pyreneeën. Ik fietste er in 2009 tussen rotsen en klaterend water naar boven met enkele collega's. We namen in Gavarnie de afslag naar de Col des Tentes. Wat ik me daar vooral van herinner is het groot aantal koeien en schapen dat over de weg liep: 

Geen mens meer te zien -
een kudde lome schapen
regelt het verkeer




Kleindochters

Omdat ProRail en NS nog steeds voor omleidingen zorgen, zijn we deze week vrijgesteld van onze oppas-taak. Mijn lief en ik maken een wandeling omdat het weer iets te onbestendig is om ons aan een herfstige fietstocht te wagen. Geen zin in een plensbui en fietsen poetsen. En waar hebben we het onderweg zoal over? Juist ja, over ... onze

Kleindochters

Bijna elf jaar al gaan
we iedere week een dag
oppassen,

in de zomer komen ze ons
hier een week bij de 
tijd houden,

we kennen hun wel en wee 
en groeien (doorgaans 
heel gezellig) een 
eindje met hen mee

klik op afbeelding voor vergroting


Zere benen

Eergisteren, op onze wekelijkse oppasdag in Utrecht, mochten we met dank aan de werkzaamheden van ProRail, twee keer ruim twee en een half uur in overstaptreinen en vervangende bussen zitten. Gisteren liep ik met mijn lief een mooie Bronnenroute van 9 km in het Heuvelland. Soms leiden toewijding en liefde tot zere benen. Toen ik vanmorgen met mijn zware Cube het Mergelland in fietste voor een groot gedeelte van het Rondje Ouwelullenhellingen vreesde ik dan ook het ergste. Tot mijn verrassing waren mijn benen na twee klimmetjes al uitgejammerd. Op de volgende negen hellingen hielpen ze me soepeltjes met het zuiveren van mijn gemoed. Ik wist niet wie of wat ik danken moest.





Deo volente

Het Mergelland is al vijfenvijftig jaar mijn thuisland. Kort nadat ik (op mijn negentiende) vanuit Godsheide (B) naar Maastricht verhuisde haalde ik mijn racefiets op en begon de streek te verkennen. Ik durf niet te beweren dat ik alle weggetjes ken, zeker niet nu er ook volop gegraveld wordt. In eerste instantie wilde ik alle beklimmingen uit de Amstel Gold Race en de Hel van het Mergelland aan mijn palmares toevoegen, later ontdekte ik de routes van toertochten als Limburgs Mooiste en de Mergelland Tweedaagse, en nog later leidde het uit Belgisch Limburgs overgewaaide knooppuntensysteem me naar plekken waar ik niet eerder was. Routes die ik zelf geregeld fiets(te) kregen een apart item op deze blog. Als ik de statistieken van Google mag geloven werd mijn Fietsroutes vanuit Maastricht-pagina meer dan 38.000 keer bekeken. De laatste jaren zoek ik meer de zijweggetjes op, niet die ene bekende klim, maar die er (min of meer) parallel aan loopt en door geen enkele koers of toertocht wordt aangedaan. Mijn vondsten presenteer ik ieder jaar in september aan de deelnemers van het Rondje Ritz. Als ik ook mijn zonen, die hier leerden fietsen en nu in Utrecht wonen, kan verrassen, is mijn missie geslaagd. Momenteel ben ik bezig met het rondje van 2026, ik ben zover dat ik het (bijna) blindelings kan fietsen.  Het rondje is 61 km (73 met ommetje) en het verbindt een stukje Westelijke Mijnstreek via een doorsteekje in Valkenburg met het Kalkgrasland. Het bestaat voor 90% uit rustige binnenwegen en er zitten een aantal heuvels in die de Ritzers gegarandeerd niet kennen. Sommige weggetjes waren ook nieuw voor mij. Voor september 2026 dus, bij leven en welzijn, als het God belieft, Deo volente, es God bleef! Waarom ik God zo nadrukkelijk erbij betrek kunt u lezen op het Zuid-Afrikaanse Versindaba: klikken maar!








Rondje Ritz

Mijn (overleden) schoonouders (Jacques en Tineke Ritz) zetten (tussen 1945 en 1960) drie zonen en zeven dochters op deze wereld, en die zijn allemaal nog in leven. In wisselende samenstelling gaan ze om de zes weken wandelen in de heuvels van Zuid-Limburg. Ze zijn blij dat ook in dit gebied wandelknooppunten komen, maar het is de vraag of  die hen zullen behoeden tegen het kletsend afdwalen van de voorgenomen routes.  Vandaag, de eerste zaterdag van september, wordt een andere traditie in ere gehouden: het jaarlijks Rondje Ritz voor de bezitters van een racefiets. Vanaf elf uur druppelen ze binnen (vanuit Oirschot, Utrecht, Bakel, Beilen en Amsterdam): een kleindochter van Jacques en Tineke, twee kleinzonen, een collega schoonzoon, de echtgenote van de kleindochter, de schoonvader van de ene kleinzoon en de schoonbroer van de andere. Op het programma staat een Mergellands Smallewegenrondje van 63 km (met 9 hellingen en 660 hoogtemeters) dat uitgebreid kan worden met een ommetje over de Cauberg en de Geulhemmerberg, Al twee weken wordt er een nazomerse dag voorspeld, en waarempel; de weerstations hebben het bij het rechte eind! Na het maken van de groepsfoto begeven ons op weg richting Gronsveld en Mesch. Mijn oudste zoon en zijn Wahoo voeren het pelotonnetje aan en ik mag wederom de rij sluiten om te genieten van hoe de anderen genieten van (elkaar en) mijn thuislandschap. Er wordt gekeuveld en gekletst tegen 28 per uur maar dat verandert als de heuvelzone begint. Niet iedereen klimt en daalt even snel en het aantal kilometers dat de dame en de heren in de benen hebben varieert van 2,5 honderd tot 6,5 duizend. Omdat op elkaar wachten erbij hoort kan er in eigen tempo (afgezien en/of) genoten worden. Het parcours, de smalle weggetjes zorgen er voor dat we weinig last hebben van andere weggebruikers. En zo belanden we, de een al wat vermoeider dan de ander, weer in Maastricht. Daar is het tijd voor Pasta & Pils, al wordt er ieder jaar (schrikbarend) minder bier gedronken!

klik op afbeelding voor vergroting




Gravelbiken & bikepacking

De zomereditie van het (gratis) online magazine Fietsen is leuk heeft als thema gravelen & bikepacking. Mij werd gevraagd of ik een gedicht over gravelen wilde schrijven. Ingewikkeld als je niet van gravelen houdt! Of toch niet? Hieronder mijn bijdrage:

De zomer van 1958

Mijn vader heeft een echt koersstuur 
op mijn fietsje gezet, 

met een veel te grote worstenhelm 
op mijn hoofd sprint ik 
als een André Darrigade van zeven 

vanuit de tuin de aangestampte kiezel 
van de Kleinstraat op,

ook in de Kapelveldstraat en Miezerik
geen asfalt of macadam,

in een binnenbocht ga ik dwars
door de losse kiezel overkop,

jankend van sleutelbeenpijn 
loop ik zonder fiets naar huis

en zoveel jaren later, nu elke 
wielertoerist ervan droomt over 
strade bianche en gravel 
te rijden

wil dat jongetje in mij 
nog altijd elke weg
die onverhard is
mijden


klik op afbeelding voor vergroting,
de onverharde Kleinstraat in 1958

Vlieland

Een paar dagen met mijn lief, mijn eega, mijn wettige echtgenote op Vlieland geweest. In ons arrangement zat het gebruik van twee degelijke Gazelle-stadsfietsen. Zonder ondersteuning! Op de eerste dag fietsten we het eiland rond. Eenmaal het Dorp uit werden we, ondanks het hoogseizoentoerisme, overvallen door de rust en de stilte. Langs de zee, door de duinen, door bos en hei: ‘t was een en al weldadig gepedaleer. De tweede dag fietsten we een deel van dezelfde route maar sloegen ieder zijweggetje in dat ons leidde naar Vlielandse bijzonderheden zoals de Vuurtoren, de Vuurboetsduin, de Kroon’s Polders en het Bokkendal. Bij zo’n eilandbezoek horen uiteraard ook een lange strandwandeling, tafelen in (leuke) restaurantjes en een ontdekkingstocht in het Dorp. Voor de dichter Slauerhof, die hier tijdens zijn kinderjaren en veel daarop volgende zomers verbleef, bood (lieflijk) Vlieland helaas geen blijvende troost, ondanks zijn liefde voor het eiland, maar ja, hij schreef dan ook de beroemde dichtregel: ’Alleen in mijn gedichten kan ik wonen’.



Rondje Haspengouw

Mijn lief wil graag nog een keer (met de fiets vanuit Maastricht) naar 'Alden Biesen'. En ze wil en passant ook dat 'doorkijkkerkjeen die 'zwevende kapel' in de de buurt van Borgloon wel 'ns zien. Geen probleem, omdat je ook na vijftig jaar huwelijk de schwung erin moet houden zet ik een knooppuntenrondje uit. Om aan de wensen van mijn lief te voldoen kan het niet korter dan 104 km! Over de betonbanen van glooiend Haspengouw! Het belooft een mooie dag te worden. Via Kanne duiken we het fraaie Jekerdal in. Zolang mijn lief het motortje van haar Cube in toom houdt zit ik lekker uit de wind op mijn Bianchi. Voorbij het stukje 'buitenlands' Wallonië draaien we richting Tongeren en het oorspronkelijke Graafschap Loon. Na 50 km komen we, met een kleine omweg omdat we een bord misten, bij het 'doorkijkkerkje', een bijzondere installatie van het architectenduo Gijs Van Vaerenbergh. Niet veel verder 'zweeft het kapelletje', een kunstwerk van Frits Jeuris dat gemaakt is van gekloven kersenstammen. Blij dat we het aanschouwd en bewonderd hebben is het tijd voor boterhammen.  En we peddelen weer verder, omhoog, omlaag, draaiend en kerend, langs akkers en boomgaarden. Over 10 dagen worden de peren geoogst! Als je op  'ClimBfinder' kijkt zie je in dit gebied tal van klimmetjes die variëren van 0,3 tot 3 km aan 2 tot 4,5%. Niet gek dus dat je hier veel minder fietsers tegenkomt dan in het Maasland en de Kempen. Dat geldt ook voor horecagelegenheden. Met 800 hoogtemeters in de benen fietsen we door de poorten van 'Alden Biesen', een prachtige landcommanderij met 800 jaar historie. Eindelijk een terrasje, eindelijk koffie, eindelijk echte Limburgse vlaai. Op krap 20 km en een paar klimmetjes van (t)huis! Waar we 110 km op de teller hebben staan!



De macht der gewoonte

'De macht der gewoonte verwijst naar de sterke invloed die gewoontes hebben op ons gedrag en denken. Het is het idee dat veel van onze dagelijkse acties niet het resultaat zijn van bewuste beslissingen, maar eerder van automatische patronen die we hebben ontwikkeld.' Aldus AI op Google. Als je veel in je eigen omgeving fietst en iedere tocht wel een keer moet stoppen om je blaas te legen, ontstaan er inderdaad, zonder dat je in het gaten hebt, vanzelf vaste plasplekken. Eén van mijn stopplaatsen ligt ergens tussen Terlinden en Bergenhuizen, bij een kapelletje en een wegkruis, die omringd worden door een heg die je in ieder jaargetijde voldoende beschutting biedt om (redelijk) ongezien te blijven voor passanten. Ik heb het vandaag voor alle zekerheid nog even nagevraagd: Onze Lieve Heer en St Cornelis hebben er geen bezwaar tegen dat ik hen enkel groet als ik zo nodig moet.



Over het uitlenen van je racefiets

Ik ben opgegroeid met de stelregel dat je nooit je racefiets mag uitlenen. Mijn vader was daar héél strikt in. Ik zal ook nooit iemand vragen of ik zijn (beste) racefiets mag lenen. Zoiets doe je niet! Aldus mijn vader. Nu de racefiets van mijn eega is voorzien van een motortje komen er vragen (van dierbaren) of ze hem mogen gebruiken om tempo te maken. Ik moet bekennen dat ik daar (veel) moeite mee heb. Is dat terecht? Het is toch niet mijn fiets: als mijn eega haar racefiets wil uitlenen is het toch haar probleem als er wat fout gaat? Hoe denken andere fietsers hier over?
Via Facebook legde ik twee vragen voor: zou jij je racefiets uitlenen aan een familielid, een vriend of een collega om er tochten mee te maken? Zou jij iemand anders durven vragen of je zijn racefiets mag lenen?
De reacties blijven binnen komen. Of de
cyclisten in de USA, Denemarken, India, de UK, Zuid-Afrika, Polen, Australië, Italië, Duitsland of Zwitserland wonen, het maakt niet uit, de overgrote meerderheid antwoordt op beide vragen met een duidelijk no: 'Definitely no to both questions!' 'Nope, nope!' ' 'Not a chance!' 'This is a joke right?' 'There’s no chance on either.' 
'No and no. I don’t want to be responsible for someone else’s bike. And I really don’t feel comfortable letting someone else ride my bike. Plus, both of my road bikes are setup for me.' 'No way!' Etc, etc. 
Sommigen zouden alleen hun oude fiets uitlenen: 'Definitely nope on all accounts. I've lent my non road bikes to friends, but not my roadies.' 'My backup is there for me to con friends into trying riding and getting their own bikes.' ' 
Énkelen zouden hun fiets wel uitlenen, maar ze zullen er zelf nooit een lenen: 'I would never ask to borrow, but I would lend it out to someone I trust and that I know would replace it if it got stolen or damaged.'  'I would offer my bike. But I would not ask to borrow one.'  
Een kleine minderheid leent zijn fiets wel uit, zij het onder voorwaarden: 'Safety deposit?' 'Dependes, If it’s my brother yes, perhaps a very close friend interested in starting to cycle.' 'Yes, and yes (when traveling). Why not? Relationships are far more important than things.'  'Only if they were on a ride with me.' 'A ride? Probably. Rides? No.'  
En wat zegt ChatGPT. Ik citeer: 'In de meeste gevallen is het niet verstandig om je racefiets uit te lenen, tenzij je er echt geen moeite mee hebt als er iets mee gebeurt.'
Allee, het is duidelijk, mijn vader heeft me gelukkig niet opgezadeld met een of andere idiote stelregel! 





Bericht

Toen ik terug kwam van Sauerland kreeg ik bericht van H, een (heel) goeie kennis (77), dat zijn zoon (48) was overleden. Omdat we elkaar iedere maand treffen met een groepje en tussendoor mailden heb ik de lijdensweg van zijn zoon en van hem kunnen volgen. Naar aanleiding van het bericht schreef ik volgend versje:

Terwijl hij aan het sterfbed
zat van zijn zoon

fietste ik over de heuvels
van het Sauerland
met die van mij,

al te vaak vergeet ik
hoe dankbaar ik
moet zijn

Eerder schreef ik een (intussen op Versindaba gepubliceerd) gedicht naar aanleiding van H's pijn. Ik schrijf bewust naar aanleiding van want ik wist niet zeker of het ook klopte:

Hoe

Hij heeft hem al
in veel gedaanten
gezien

maar nu de dood
zo dicht bij huis
geduldig 
op overgave
wacht

zwijgt hij het
voor zich uit:

hoe moet je
als vader verder
als je je zoon
overleeft

Mijn interpretatie bleek juist te zijn, zo liet H me weten. De uitvaart van zijn zoon heeft inmiddels plaats gevonden. H hield een (emotionele) toespraak, die eindigde met bovenstaand gedicht.




Vennbahn

Twee dagen geVennbahnd met mijn eega. Gisteren de trein genomen naar Aken, op de fiets gestapt en ons naar het 75 km verderop gelegen Meer van Bütgenbach getrapt over de blijkbaar steeds populairder wordende voormalige spoorbaan. Omdat ik er nog altijd niet voor gezorgd heb dat het gemotoriseerd fietsje van mijn eega en mijn racefiets van bagagedragende hulpstukken voorzien kunnen worden, moest ik mijn (zwaardere) Cube met fietstassen verblijden. Doorgaans is dat geen probleem, wat harder en zwaarder trappen is goed voor de conditie, maar gisteren vroeg ik me na 20 km toch af wat er hand was. Terwijl mijn eega pijn over haar hele lijf kreeg van het snelheid minderen trapte ik me te pleuris. Raadpleging van een informatiebord liet zien dat de eerste 38 km gestaag bergop lopen richting Hoge Venen, niet meer dan 2%, maar bergop is bergop. Ook de rest van de route was voornamelijk vals plat omhoog. En dat is dan ook meteen de reden waarom we vandaag een heerlijke terugtocht hadden. Onder een heerlijk zonnetje ontvouwde de Vennbahn zich op haar mooist. De kilometers (door de dennenbossen, over de vlaktes met Ardense uitzichten, langs oude spoorwegstationnetjes) vlogen voorbij. Misschien lag het ook aan ons ontbijt in Hotel du Lac: het ontbijtbuffet bood naast de gebruikelijke voedzame kost ook  stukjes heerlijke ... rijstevlaai!



Sauerland

Een weekend in het Sauerland gaan fietsen met mijn zonen en hun vrienden, zeg maar de heren. Ik had weer de eer de routes uit te zetten. Voor de dag van aankomst stond een rondje van 48 km (met 860 hoogtemeters) gepland. Op dag twee gaf het programma een tocht van 70 km (met 1215 hoogtemeters) aan, al dan niet aangevuld met een ommetje van 22 km (met 428 hoogtemeters). Ter afsluiting van het weekend konden we ons wagen aan een rondje van 85 km (met 1609 hoogtemeters). We logeerden in Neuastenberg, een plaatsje in de buurt van Winterberg, dat op 730 meter hoogte ligt. Roel ging vanuit Maastricht (in twee dagen) met de fiets naar het Sauerland. En René kwam wat later omdat hij (i.v.m de verkiezingen van volgend jaar) eerst nog verkozen moest worden tot lijstrekker van het CDA Rotterdam. Na zoon Joost heeft nu ook zoon Gijs een nieuwe racefiets aangeschaft. Die fietsen zien er een tikkeltje anders uit dan de vélo waarmee hun opa in 1939 begon te koersen. Henri was helaas verhinderd, Sem was gelukkig wel weer van de partij. Het openingsrondje (met uitzichten die aan de Vogezen en Het Zwarte Woud deden denken) was mooier maar ook pittiger dan verwacht. Voor mij toch. Een aantal beklimmingen vielen niet bepaald onder de noemer ouwelullenhellingen. Het rondje van 70 km bevatte helaas iets te veel drukke wegen, al zaten er tussendoor mooie stukken in zoals de beklimming van de Grosses Bildchen. De tocht werd aangevuld tot 100, 110 of 120 km. Het rondje van 88 km beviel de heren gelukkig uitstekend. In mijn geval - ik was een uur eerder vertrokken -  veranderden de knotenpunkten die ik volgde halverwege helaas in klotepunkten maar het leverde me wederom een heel fraaie alternatieve route op. Een dag eerder werd ik - ver achterop geraakt - ook al in de steek gelaten door mijn geplastificeerde routebeschrijving. Moet ik op mijn ouwe dag toch een garmin aanschaffen?  Het was al met al een heerlijk fietsweekend (zonder malheurs en met redelijk goed weer). De Villa waar we logeerden ligt pal naast een kerkje met een kleine, prachtige begraafplaats die zonder afzetting overgaat in de wei van de pastoor. In die wei vond de opening plaats van de festiviteiten ter gelegenheid van het 150 jarig bestaan van de plaatselijke schutterij. We gingen kijken, we hadden een mooi plekje, tussen de levenden en de doden.

klik op afbeelding voor vergroting


Fietspadblokkade

De afgelopen dagen in alle vroegte opgestaan om een paar uurtjes te kunnen fietsen voor de hitte toesloeg. Ook voor mijn teerbeminde zorgde het verkoelend windje in het Heuvelland voor de beste momenten van de dag. Al hadden we vanochtend om 7u al te maken met een protestdemonstratie:

Fietspadblokkade -
en waar demonstreert die troep
ganzen dan tegen

En vanmiddag verscheen op het Zuid-Afrikaanse Versindaba een reeks versjes over onze kleindochters: hier te lezen! Zo, bent u ook weer op de hoogte!