Ventoux

 


Veldbloemenzee

Onlangs overleed de vader van R., een vriend van mijn oudste zoon, nadat hij op de fiets was aangereden. R. is een van de heren waarmee ik al vele jaren op fietsweekend mag. Omdat ik al even niets van hem had gehoord en mijn zoon vertelde dat het gemis van zijn vader R. zwaar valt, mailde ik hem. Zijn antwoord is te mooi om er niets mee te doen. Met zijn goedkeuring citeer ik het hier: 'Het zijn pittige weken, moeilijk onder woorden te brengen; het is erg intensief en kost de nodige energie voel ik. Het fietsen in dit fijne voorjaar helpt zeker om het hoofd wat lucht te geven. En daarnaast veel in de tuin aan het werk; hier achter maar vooral ook in de wei van mijn vader. Ik heb inmiddels het deel moestuin volledig omgegraven, om het morgen volledig in te gaan zaaien met (veld)bloemenzaad. Dat wordt 90 vierkante meter bloemenzee komende zomer! En verder nog 2 lange rijen aardappelen geplant. Van de pootaardappelen die pap nog in de keuken bij de verwarming had staan, om zelf te gaan uitplanten... kortom, al de nodige uren/ochtenden in de wei doorgebracht - dichter bij hem kan ik niet geraken denk ik.'
Wat zou de vader van R. zeggen als hij leest wat zijn zoon schrijft?





Roger & Leander

Omdat er minder goed weer wordt voorspeld vanmiddag een laatste grote tocht gemaakt ter voorbereiding op de Ventoux (vanuit Sault), die over een anderhalve week op het programma staat. Ik fietste een rondje van 81 km (met 1100 hm) over de Bemelerberg, Goudsberg, Achtbundersweg, Bosschenhuizen, Wittemerberg, Hurpesch, Panisberg, Terpoorterweg, Eperheide, Piemert, Schey, Grensheuvel, Hoesberg, Bukel en Öreberg.  Gezien mijn leeftijd, mijn gebrek aan talent en mijn mankementen mag ik niet klagen. En ik ben erg blij met mijn super compact. Desalniettemin verwacht ik niet dat ik fluitend de Ventoux op zal fietsen. Misschien moet ik voor de beklimming héél veel water drinken zodat ik tijdens de klim héél veel plaspauzes moet / mag nemen! Vorige week meldde ik me op een vroege ochtend met mijn Bianchi bij mijn zorgzame fietsenmakers (Roger & Leander) met de vraag of ze kleinere voorbladen konden monteren. Dat bleek niet zomaar te kunnen. Laat in de middag belde Roger me met de mededeling dat ze contact hadden opgenomen met de fabriek van Shimano om te bekijken of er een oplossing was voor mijn zucht naar een nog kleinere versnelling (dan mijn 34x34). En die was er. Dank zij een nieuw cranckstel, een nieuwe trapas en een nieuwe voorderailleur fiets ik nu met 46/30-voorbladen.  Als je met een 30x34 heel rustig een helling van 12% op rijdt, fiets je tegen 5 km per uur! Toen ik mijn fiets ging ophalen, opperde ik dat ik nu een ouwemannenkoersfiets heb. 'Nou nee,' zei Leander, 'veel ouwe mannen fietsen met een motortje, je hebt dus echt geen ouwemannenfiets!' Als dat niet ontzettend aardig is!



In 't Afrikaans

Gebrek aan hersenuitdaging is volgens wetenschappers een risicofactor voor het krijgen van dementie, zo blijkt uit recent onderzoek. Ik heb daarom besloten om niet alleen gedichten (versjes!) te blijven schrijven maar ze ook te vertalen in het Afrikaans. Ik laat me helpen door een paar AI-bots die met hun voorstellen langs ene Lara moeten zien te geraken. Als laatste controlepunt is er de strenge eindredacteur van Versindabahet Webwerf vir die Afrikaanse digkuns. Hier kun je het resultaat tot nog toe lezen. Wielrennen is in Zuid-Afrika in vergelijking met rugby, cricket en voetbal geen dominante sport. Daryl Impey en Louis Meintjes zijn de meest bekende wielrenners uit dat land. Ik ben er nog niet achter of er in het Afrikaans ook wielergedichten geschreven worden. Misschien moet ik het maar 'ns proberen met een Ventoux-baiku (Als nieuw na grote / onderhoudsbeurt - mijn lijf loert / jaloers naar mijn fiets):

Soos nuut ná 'n groot 
diensbeurt - my lyf kyk baie
jaloers na my fiets



 

Art on aging

Vanmorgen viel hier natte sneeuw. Geen weer om buiten te fietsen dus, het werd een uurtje al spinnend de krant lezen. Vanmiddag de trein van Maastricht naar Venlo genomen. Mijn lief wilde naar museum van Bommel van Dam, naar de tentoonstelling 'Fantastische wezens', die laat zien hoe eeuwenoude mythen in hedendaagse kunst verwerkt worden. De andere tentoonstelling in hetzelfde museum hoefden we, hoe spraakmakend ook, niet te zien. Als je meer dan veertig jaar in de ouderenzorg gewerkt hebt, heb je geen 'Grijs. Art on aging' nodig om te weten wat de jaren met een lichaam doen. Mensen van onze leeftijd hoeven trouwens maar in de spiegel te kijken. Echter, omdat we er niet omheen konden, liepen we toch door de Art on aging-zaal. En zowaar, ik zag er een prachtig beeld van de Australiër Sam Jinks (1973). Hij maakt hyperrealistische figuren met siliconen, hars, calciumcarbonaat, glasvezel en echt mensenhaar. Bij 'Art on aging' staat zijn 'Tattoed Woman', een halfnaakte oude vrouw, geïnspireerd op de H.Maagd Maria. Levensecht als je van dichtbij kijkt. Zie de foto hieronder. Een foto maken van een muurgrote afbeelding met vrijende oude mensen hebben we achterwege gelaten. Eergisteren zaten we met onze zoon en zijn drie dochters (11, 9, 4) aan tafel voor het avondeten. Door een verhaal van de middelste ging het opeens over zaad- en eicellen, waarop de oudste zich liet ontvallen dat ze zich niet kon voorstellen dat wij, haar opa en oma, ooit 'je weet wel wat' hadden gedaan. Toen ik antwoordde dat we dat nog steeds doen, verslikte ze zich zowat in een hap pasta!

klik op afbeelding voor vergroting



 

In 't Mestreechs

Onze twee zonen zijn geboren en getogen in Maastricht, ze wonen beiden al geruime tijd in Utrecht en ze houden allebei - zoals het Vanstreelsen betaamt - van fietsen (over heuvels en cols). De oudste is in ons gezin die enige die het aandurft om het Maastrichts dialect te spreken. Hij probeert zijn dochters (zes en drie) op speelse manier iets door te geven van zijn afkomst. Vandaag lieten ze vol trots horen dat die indoctrinatie is geslaagd, ze kunnen (een boekje lang) feilloos aanvullen dat Nijntje fietse in 't Mestreechs leuk vindt: 
 
al bin iech noe nog vöäl te klein
fietse vin iech magnefiek
iech hoop mer tot iech hiel gauw greuj
want fietse dat is sjiek




75

Op de dag dat mijn vader 75 werd haalden mijn broer, mijn schoonbroer en ik hem op. We reden naar Oudenaarde om ons van daaruit aan een stukje Ronde van Vlaanderen te wagen. Mijn vader fietste hellingen als de Kortekeer, de Eikenberg en de Oude Kwaremont nog redelijk monter omhoog. Alleen de steile Paterberg redde hij niet (met zijn 42x26 als kleinste versnelling). Binnenkort word ik 75. Een week of zes later ga ik met mijn zoon naar de Provence om te kijken of en hoe monter ik (met mijn 34x34) boven kom op de Ventoux!

1997: aan het wiel van mijn vader op de Oude
Kwaremont op zijn 75ste verjaardag.




Georges

Als er een nieuw verhaaltje op Fietsvarianten verschijnt, krijgen circa 100 mensen een nieuwsbrief. Af en toe komt er een nieuwe abonnee bij. Zo meldde zich vorige week de zoon aan van de meester die mij op mijn zevende als linkshandige verplichtte met mijn rechter hand te leren schrijven. Dat hoorde zo in 1958, ik heb er geen trauma aan overgehouden, hooguit een onleesbaar handschrift. Ik herinner me meester Sterk, die uit een ander dorp kwam, als een grote, strenge man, die vele jaren het eerste en tweede leerjaar voor zijn rekening nam. Hij moet ook een groot hart gehad hebben. In die tijd waren er nog geen voorzieningen voor kinderen met een (licht) verstandelijke beperking. Georges was zo'n kind. Iedere schooldag kwam hij mee met een van zijn broers. Hij mocht tot zijn twaalfde in het eerste leerjaar blijven zitten. Achterin de klas had hij zijn eigen, vaste plek. Niemand die het waagde hem te pesten of te plagen!  

1948: meester Sterk, meester Vanheusden en meester 
Martens, de drie onderwijzers die decennia lang les
gaven in de jongensschool van Godsheide.


Chalet Reynard

Oud en (iet of wat) wijs geworden weet ik dat mijn luchtwegen tijdens fietstochten vlug geïrriteerd raken door koude lucht. Ik heb me moeten aanleren om geduldig te wachten tot het bij voorkeur 10 °C is. Deze winter moet ik me (op enkele zachte december- en januaridagen na) tevreden stellen met ...

Op de spinningfiets
met de blik op oneindig
saaie zolderbalken

En dat terwijl we over drie maanden al naar de Ventoux gaan. Vandaag wordt er 7°C voorspeld. Zou ik het toch maar wagen? Met de zware Cube fiets ik naar de 3 km verderop gelegen Belvédère. Daar heb ik een rondje in gedachten: de Belvédèrelaan (750 m aan 2,4 %) omhoog over het tweebaans fietspad, omdraaien, dalen en beneden rechtsaf de autovrije Sandersweg (500 m aan 4,2 %) op en weer naar beneden. Een omloopje van 2,5 km met 1250 m klimmen. Onder een grijs wolkendek (en oudemannenwarm aangekleed) begin ik aan mijn eerste rondje. Heerlijk. Benieuwd hoeveel klimmetjes mijn lijf me mijn gang laat gaan. De Ventoux vanuit Sault is 24,4 km lang, de eerste 18 km (tot Chalet Reynard) zijn gemiddeld 3,9 %. Na vijf rondjes ga ik nog altijd gezwind naar boven. En na 10 rondjes heb ik, tot m'n eigen verbazing, het gevoel dat ik nog even kan doorgaan. Tijdens de dertiende beklimming van de Sandersweg zegt mijn lijf dat het stilletjes aan genoeg is geweest. Maar ik knoop er nog 2 rondjes aan vast, en dat is goed voor de moraal want ik ben nu wat betreft klimkilometers in ieder geval al ... voorbij Chalet Reynard! 



Reïncarnatie

Op de (spinning)fiets kun je over (van) alles mijmeren. Over reïncarnatie bijvoorbeeld. Geloof ik daar in? En zo nee, zou ik er in moeten geloven? Twintig jaar geleden kreeg ik met mijn collega's een rondleiding in een uit 1844 stammende, tijdelijk niet meer in gebruik zijnde gevangenis in Tongeren. In een van de cellen (2,5 bij 2,8!) had ik het opeens Spaans benauwd. Dat gevoel is me zodanig bijgebleven dat ik er vorig jaar een gedicht over schreef. Zie hieronder. In 2009 was ik met mijn eega en zonen op (fiets)vakantie in Normandië. Uiteraard bezochten we de D-day-stranden en het Caen Memorial Museum. In dat museum hangt en muurgrote foto van de terechtstelling van twee verzetslieden. Een jonge vrouw is al opgehangen, een jonge man kijkt spottend naar zijn beulen terwijl de strop aangebracht gaat worden. Ik had geen foto van dat tafereel hoeven maken, ik kan het sinds die dag dromen. Afgelopen weekend bezochten mijn eega en ik in het Maastrichtse Bonnefantenmuseum de tentoonstelling four times two. Daar heb ik minutenlang staan staren naar een van de figuren van de beeldengroep Galgenfeld van de Duitse kunstenares Paloma Varga Weisz. Zij werd voor dit werk geïnspireerd door de schetsen die Rembrandt omstreeks 1655 maakte na zijn bezoek aan het Amsterdamse Galgenveld. Weisz' figuur riep bij mij gevoelens op die me meteen aan Tongeren en Caen deden denken. Zou ik in een vorig leven in een gevangenis terecht gekomen zijn en van daaruit naar een schavot gebracht? Ik moet er niet aan denken, maar doe het dus wel!

Rondleiding

Tijdens de rondleiding
in een oude gevangenis
belandde ik in een cel,

ik werd bevangen,
herkende een nooit
in dit leven
gevoelde angst,

waar was ik, waar
zat ik, ik die geloof
noch ontken


Een van de drie beelden van Galgenfeld.


Gebruiken

Gisteren plaatste ik op Facebook een baiku over het monument voor Tom Simpson, dat een kilometer voor de top van de Ventoux staat. De baiku werd overgenomen door 'De kale Berg'. Op het oorspronkelijk plaatje stond een kort bijschrift over de oorzaken van Tom's dood, zoals je die op veel plekken op internet kunt lezen. De dochter van Tom liet weten het bijzonder jammer te vinden dat haar vader daardoor weer als een 'dopinggebruiker' werd afgeschilderd. De 'supplementen', zo schrijft Joanne, die haar vader gebruikte werden in die tijd aan alle renners als wondermiddeltjes aangeboden. Joanne's reactie leidde dan weer tot volgend versje:

GEBRUIKEN

Welke wielrenner had
in de jaren vijftig
en zestig geen
middeltjes
op zak,

was je een zondaar
als je in de bergen
je heil zocht

in hetzelfde wonder
als je tegen-
standers,

hoe kon je weten
dat je daarmee

ver voorbij
de uitputting
zou gaan

hoe fair is het
dat men decennia
na je dood

vooral daarbij
stil blijft staan



Kleindochters

De afgelopen (kerst)dagen logeerden onze vijf kleindochters weer bij ons. Naar aanleiding van hun bezoek schreef ik een reeks van vijf versjes (die inmiddels ook op Versindaba is gepubliceerd). Ik schrijf bewust 'naar aanleiding van' en niet 'over', want mijn kleindochters zullen ongetwijfeld roepen dat sommige dingen niet kloppen. Dat die dingen beter in een gedicht passen dan wat zij de waarheid noemen, zullen ze geen geldig argument vinden. Ze hebben (nog) geen boodschap aan dichters die de waarheid liegen. Ik krijg trouwens sowieso steeds meer commentaar van de freules, of ze nu drie of elf zijn. De kwaliteit van mijn grappen staat ter discussie (je bent de enige die er om lacht!), mijn Vlaamse inbreng vinden ze maar stom (waarom zou patat geen friet zijn?), en mijn onhandigheid met nieuwigheden leidt tot hilariteit (mijn kleindochter van vijf moet me wijzen hoe we door het toegangspoortje van het Reuzenrad komen). Benieuwd naar de gedichten? Hier zijn ze te lezen. O ja, vandaag verscheen er in De Limburger een mooie recensie over Aan de vooravond. En nu ga ik fietsen, op zolder, want over vier maanden moet ik de Ventoux op.




De Mont Ventoux roept

Ik had er niet meer op gerekend dat ik (bij leven en welzijn) op mijn 75ste nog een keer naar de Provence mag gaan om de Mont Ventoux - op eigen kracht - op te fietsen. Wat doet een ouwe man op een koersfiets als de Ventoux roept: hij legt de voorbereiding (en hopelijk ook de klim) vast in baiku's! Te volgen op de onvolprezen Dé kale berg!





Pas verschenen ... paar weken eerder dan gepland

Eenmaal op leeftijd krijg je steeds vaker te maken met verlies: dierbaren en bekenden vallen weg, het lichaam sputtert tegen. Omdat niemand eraan ontkomt, is het goed om op tijd te zeggen wat nog gezegd moet worden. Dat is wat ik doe met deze bundel. Dierbaren, van grootvaders tot kleindochters, trekken voorbij. Ook vrienden die rouwen, de onrust in de wereld, jeugdherinneringen en geloof komen langs. Met een tikkeltje ironie, een vleugje weemoed en (hopelijk genoeg) mededogen probeer ik vast te leggen wat zich schuilhoudt in het ogenschijnlijk alledaagse. En ook al kijkt de dood geregeld om de hoek, ik ben nog niet van plan te verdwijnen. Integendeel: op mijn 75ste mag ik opnieuw de Mont Ventoux beklimmen, met de fiets, op eigen kracht – corpo volente!
De bundel (46 pagina's) is nu voor € 12,50 verkrijgbaar in de boekhandel, bij Bookmundo en Bol.com. ISBN 9789403848990

Gedichten uit de bundel verschenen o.a. op Meander, De Schaal van Digther en Versindaba.

Recensie in De Limburger


Rondje Mont Ventoux

Voor volgend jaar mei een rondje van 100 km uitgezet in de Provence. Mijn zoon zal de Ventoux beklimmen vanuit Bédoin. Met mij wil hij graag een rondje fietsen waar ook de Ventoux vanuit Sault in zit. Zeg maar de ouwelullenkant, want de mietjeskant mag het niet meer heten omdat het beledigend is voor een groep medemensen. Het rondje leidt ons bij leven en welzijn van Malaucène via Bédoin en Flassan naar Villers-sur-Auzon vanwaar de weg 19 km lang door de schitterende Gorges de la Nesque loopt. Via Monieux gaat het vervolgens naar Sault en de Ventoux. Als die beklommen is, mag er gedaald worden naar Malaucène. Wat hellingen betreft is het een echt ouwelullenrondje: er zitten weliswaar 2399 hoogtemeters in, maar de stijgingspercentages liggen gemiddeld onder de 5% en zijn (met uitzondering van de laatste kilometer van de Ventoux) nergens hoger dan 7 a 8%. De voorbereiding en de klim worden uiteraard vastgelegd in baiku's! 

Oud(er) worden is
zolang het gaat de kwalen
naast je neer fietsen




Voorjaar 2026

Mijn jongste zoon heeft voor de meivakantie van volgend jaar een vakantiehuis gereserveerd in Malaucène, aan de voet van de Mont Ventoux. Hij wil graag dat mijn eega en ik meegaan met hem en zijn gezin. En hij wil met mij de Ventoux op fietsen, want die ontbreekt nog op zijn palmares. Ik was, op z'n Vlaams gezegd, een beetje van mijn melk door zijn vraag. Volgend voorjaar staat er één en ander te gebeuren: ik word 75, er wordt opnieuw bekeken hoe het met mijn aneurysma is gesteld en er komt een nieuwe dichtbundel van me uit die als titel  'Aan de vooravond' heeft, een titel die is gekozen omdat er in die gedichten nogal veel naar de dood wordt verwezen. Daar komt dus, bij leven en welzijn, de Ventoux bij. Ik had niet verwacht dat ik nog 'ns naar de Provence zou gaan, dat ik de Ventoux nog 'ns zou (proberen te) beklimmen. Vanuit Sault moet lukken, aan Malaucène en Bedoin kan ik me beter niet wagen want dan trap ik dwars door mijn artrose-enkel heen. Nadat ik een beetje bekomen was, ben ik maar begonnen met dromen. Als mijn gemotoriseerd lief er niet bij is, oefen ik mezelf op de heuvels weer in het zo langzaam mogelijk bergop fietsen, ik maan mezelf voortdurend tot rust:

Trager nog dan traag
naar boven - zo verzuren
droom en benen niet






Zomer 2026

'De Tour van 2026 telt vijf aankomsten bergop, waarbij drie aankomsten nieuw en voor vele wielerliefhebbers dus onbekend zijn,' aldus Wielerverhaal. Maar niet voor mij! Althans wat twee ervan betreft. In 2003 was ik met mijn zonen en vriend(in)en van hen op fietsvakantie in de Alpen. Op het programma stond ook de beklimming van de Col de Sarenne, de achterkant van de Alpe d'Huez, waar Tadej & Co volgend jaar naar boven mogen. Wat ik me herinner is dat het een wonderschone klim is en dat Henri luid zingend boven kwam, op zijn overjarige Raleigh, met sportschoenen op klikpedalen! Anders overweldigend vanwege het landschap is de Gavarnie-Gèdre in de Pyreneeën. Ik fietste er in 2009 tussen rotsen en klaterend water naar boven met enkele collega's. We namen in Gavarnie de afslag naar de Col des Tentes. Wat ik me daar vooral van herinner is het groot aantal koeien en schapen dat over de weg liep: 

Geen mens meer te zien -
een kudde lome schapen
regelt het verkeer




Kleindochters

Omdat ProRail en NS nog steeds voor omleidingen zorgen, zijn we deze week vrijgesteld van onze oppas-taak. Mijn lief en ik maken een wandeling omdat het weer iets te onbestendig is om ons aan een herfstige fietstocht te wagen. Geen zin in een plensbui en fietsen poetsen. En waar hebben we het onderweg zoal over? Juist ja, over ... onze

Kleindochters

Bijna elf jaar al gaan
we iedere week een dag
oppassen,

in de zomer komen ze ons
hier een week bij de 
tijd houden,

we kennen hun wel en wee 
en groeien (doorgaans 
heel gezellig) een 
eindje met hen mee

klik op afbeelding voor vergroting


Zere benen

Eergisteren, op onze wekelijkse oppasdag in Utrecht, mochten we met dank aan de werkzaamheden van ProRail, twee keer ruim twee en een half uur in overstaptreinen en vervangende bussen zitten. Gisteren liep ik met mijn lief een mooie Bronnenroute van 9 km in het Heuvelland. Soms leiden toewijding en liefde tot zere benen. Toen ik vanmorgen met mijn zware Cube het Mergelland in fietste voor een groot gedeelte van het Rondje Ouwelullenhellingen vreesde ik dan ook het ergste. Tot mijn verrassing waren mijn benen na twee klimmetjes al uitgejammerd. Op de volgende negen hellingen hielpen ze me soepeltjes met het zuiveren van mijn gemoed. Ik wist niet wie of wat ik danken moest.





Deo volente

Het Mergelland is al vijfenvijftig jaar mijn thuisland. Kort nadat ik (op mijn negentiende) vanuit Godsheide (B) naar Maastricht verhuisde haalde ik mijn racefiets op en begon de streek te verkennen. Ik durf niet te beweren dat ik alle weggetjes ken, zeker niet nu er ook volop gegraveld wordt. In eerste instantie wilde ik alle beklimmingen uit de Amstel Gold Race en de Hel van het Mergelland aan mijn palmares toevoegen, later ontdekte ik de routes van toertochten als Limburgs Mooiste en de Mergelland Tweedaagse, en nog later leidde het uit Belgisch Limburgs overgewaaide knooppuntensysteem me naar plekken waar ik niet eerder was. Routes die ik zelf geregeld fiets(te) kregen een apart item op deze blog. Als ik de statistieken van Google mag geloven werd mijn Fietsroutes vanuit Maastricht-pagina meer dan 38.000 keer bekeken. De laatste jaren zoek ik meer de zijweggetjes op, niet die ene bekende klim, maar die er (min of meer) parallel aan loopt en door geen enkele koers of toertocht wordt aangedaan. Mijn vondsten presenteer ik ieder jaar in september aan de deelnemers van het Rondje Ritz. Als ik ook mijn zonen, die hier leerden fietsen en nu in Utrecht wonen, kan verrassen, is mijn missie geslaagd. Momenteel ben ik bezig met het rondje van 2026, ik ben zover dat ik het (bijna) blindelings kan fietsen.  Het rondje is 61 km (73 met ommetje) en het verbindt een stukje Westelijke Mijnstreek via een doorsteekje in Valkenburg met het Kalkgrasland. Het bestaat voor 90% uit rustige binnenwegen en er zitten een aantal heuvels in die de Ritzers gegarandeerd niet kennen. Sommige weggetjes waren ook nieuw voor mij. Voor september 2026 dus, bij leven en welzijn, als het God belieft, Deo volente, es God bleef! Waarom ik God zo nadrukkelijk erbij betrek kunt u lezen op het Zuid-Afrikaanse Versindaba: klikken maar!